Tagarchief: Kapelse streekbrouwerij De Legende streekprodukt Jan Claessen Stefan De Winter brouwerij

antwerpse streekprodukten (2)

Enkele maanden terug heeft de Kapelse streekbrouwerij ‘De Legende’ een – wellicht onterecht – proces verloren tegen de grote Waalse Brasserie ‘Des Legendes’. Het typisch Antwerpse streekprodukt moest zo met zware financiële gevolgen vandien hun naam en logo wijzigen. Sinds 1 september wordt het Kapels bier noodgedwongen ‘Het Perkament’ genoemd.

In het kader van ‘steun onze eigen streekprodukten’, stelden Jan Claessen en Stefan De Winter volgende vragen:

  • Wat doet de provincie om – zoals in dit geval – kleine lokale brouwerijen te beschermen tegen rechtzaken?
    De taak van de provincie in haar hoeve- en streekproductenbeleid omvat geen specifieke juridische ondersteuning bij de ontwikkeling of bescherming van intellectuele eigendomsrechten voor streekproducten. De keuze en bescherming van logo’s of merknamen van deze producten berust uitsluitend bij de ontwikkelaar, m.n. de concrete firma die het product ontwikkelt en aanbiedt. Zij zijn dan ook zelf verantwoordelijk voor het nagaan of er aan de door hun gekozen productnaam reeds door een andere binnenlandse of buitenlandse producent gebruikt of ervoor uitdrukkelijke merkenrechtelijke bescherming werd aangevraagd. Dit kan online worden nagegaan via de publiek toegankelijke databanken van het Benelux of Europese Bureau voor Intellectuele Eigendom (BBIE of EUIPO). De bescherming tegen rechtszaken berust m.a.w. volledig bij de producent.
  • Kan de gedupeerde Kapelse brouwerij alsnog via de provincie enige vorm van subsidie genieten? 
    Zo ja, hoe?

    De brouwerij beschikt steeds over de mogelijkheid om een subsidieaanvraag in te dienen in het kader van een bestaand of toekomstig provinciaal subsidiereglement dat de principes en voorwaarden vastlegt waarbinnen de betoelaging door de provincie kan worden toegekend. Voor een eventuele subsidie ad nominatim dienen de voorwaarden bij overeenkomst te worden opgenomen. Het subsidiëren van individuele commerciële entiteiten wordt beperkt door o.a. het gelijkheidsbeginsel en de regels van staatssteun. Het l outer bekostigen van kosten van een verloren rechtszaak lijkt in dit licht niet voor subsidiëring in aanmerking te komen.

l